1 Tessalonicenzen 5:6-11

Christenen moeten voorbereid zijn op de dag van God

6 Wij horen niet bij de nacht en het donker. Dus moeten we de dingen doen die bij de dag passen. Niet slapen, maar wakker zijn. En helder blijven nadenken. 7 Andere mensen horen bij de nacht. Zij slapen. Of ze worden dronken.

8-9 Maar wij horen bij de dag. Laten wij daarom zorgen dat we helder blijven nadenken. Laten we op alles voorbereid zijn. Net zoals soldaten met een harnas aan en een helm op. We geloven en we houden van elkaar. Dat is ons harnas. En onze helm is ons vertrouwen. Want we vertrouwen dat we gered zullen worden door onze Heer Jezus Christus. God wil ons niet straffen maar redden.

10 Jezus is voor ons gestorven. Nadat hij uit de hemel gekomen is, zullen wij daarom voor altijd bij hem zijn. En het maakt niet uit of we dan dood zijn of nog leven. 11 Blijf elkaar daarom moed inspreken en blijf elkaar helpen.

Terug naar overzicht voorbeeldteksten

Toelichting bij dit voorbeeld

Lees de uitleg van Rieuwerd Buitenwerf over 1 Tessalonicenzen 5:8-9 in de BGT (Met Andere Woorden 28/1, 2009). In deze passage staan militaire beelden, die bedoeld zijn als beeldspraak. Hoe moet je daar mee omgaan in een vertaling in gewone taal? De beelden blijven bewaard in de vertaling, maar op zo’n manier dat het duidelijk is voor de lezer wat er met die beelden bedoeld wordt. Dat leidt tot een vertaling die duidelijkheid geeft over de betekenis en tegelijk een indruk geeft van de bijbelse beeldtaal.

Typering van de teksten uit Paulus

De brieven van Paulus zijn ontzettend moeilijk. Is het wel juist om die brieven weer te geven in gewone taal? Ja, want Paulus wilde zelf ook dat zijn brieven begrepen werden. De Bijbel in Gewone Taal probeert dat te bereiken met duidelijke taal, korte zinnen en heldere zinsverbanden.