Nieuws

‘Het leven is niet afgelopen als je sterft’

Je zou het niet zeggen als je hem ziet, maar Willem Scherpenzeel is al 90. Volledig ‘selfsupporting’ woont hij in zijn eigen woning onder de rook van Amsterdam, waar we hem opzoeken op een warme zomerdag. Hij is al jarenlang weduwnaar, maar mist zijn vrouw nog iedere dag.

Willem Scherpenzeel nam het Bijbelgenootschap op in zijn testament

‘Geen mooiere nalatenschap dan dat mensen het evangelie leren kennen’

Scherpenzeel groeide op in een Nederlands Hervormd gezin, als enig kind. Hij ging naar een christelijke school en maakte als jongen de verschrikkingen van de oorlog mee. ‘Mijn vader werd tewerkgesteld in Duitsland’, vertelt hij. Na de oorlog volgde hij de kweekschool (huidige PABO), om zich met veel liefde te wijden aan het lesgeven aan kinderen in het primair onderwijs.

Christelijk geloof

De keuze voor een christelijke en later reformatorische school was vanzelfsprekend. ‘Naast het bieden van goed onderwijs wilde de school de kinderen méér meegeven. Dat ‘meer’ had natuurlijk te maken met het geloof. In mijn tijd, waar het leven nog doortrokken was van het christelijk geloof, was dat natuurlijk volkomen normaal. Kom daar nu nog maar eens om.’

Scherpenzeel ziet de leegloop van de kerken met lede ogen aan. ‘In mijn tijd barstten ze nog uit hun voegen, inclusief de Rooms-Katholieke kerk in ons dorp. Nu zitten daar alleen nog wat oude mensen. Jongeren kom je er niet veel meer tegen.’

Dat is in zijn Hervormde Kerk niet veel anders. Ook daar is sprake van kerkverlating, met name onder jonge mensen. ‘Sommige jongeren zoeken een gemeente die beter bij hen past, weer anderen zeggen het geloof vaarwel’, aldus Van Scherpenzeel.

Verwezenlijken van doelstellingen

Dat hij zich hierover grote zorgen maakt, is misschien wel de belangrijkste reden dat hij het Bijbelgenootschap al jaren steunt. ‘Ik vind dat ze belangrijk werk doen en wil daarbij helpen door het geven van giften. Zodat ze hun doelstellingen kunnen verwezenlijken: het vertalen én het verspreiden van Gods Woord in Nederland en daarbuiten.’

‘Waarom? Omdat de inhoud van de Bijbel eeuwigheidswaarde heeft. Het leven is niet afgelopen als je sterft. Dat moeten de mensen weten. Ook nieuwe generaties moeten daar kennis van kunnen nemen in hun eigen taal. Zowel in binnen- als buitenland.’

Mooie nalatenschap

De Bijbel moet volgens Scherpenzeel nog heel veel mensen bereiken. ‘Er zijn nog steeds grote groepen mensen die nog nooit in aanraking zijn geweest met het evangelie. Ook in Nederland. Ik beschouw het dan ook als een opdracht om het NBG te steunen. Nu en straks als ik er niet meer ben. Als je daartoe in staat bent, is er geen mooiere nalatenschap. Althans, zo denk ik er over.’

Interview: André Groenewegen
© Foto: Sandra Haverkamp

Nalaten aan het Bijbelgenootschap

Door het Bijbelgenootschap op te nemen in uw testament levert u een belangrijke bijdrage aan de voortzetting van het bijbelwerk. Wilt u meer weten over nalaten aan het Bijbelgenootschap? Wij zijn graag bereid u vrijblijvend te informeren over de mogelijkheden. U kunt ons bereiken via 023 – 514 61 46 en (Nederland) of via 078-48 44 86 en (Vlaanderen).